De invloed van sticklengte op rugklachten bij hockeyers

Waarom sticklengte telt

Het lijkt misschien onschuldig, een stick is een stick, maar de lengte is een knellende factor voor je onderrug. Een te lange stick dwingt je om je schouders en heupen te draaien alsof je een jazz-dans uitvoert op een kikkersprong. Resultaat? Een geknarpte wervelkolom die elke sprint naar de bal aanvoelt als een slechte grap. En kijk, elke hockeyspeler – van de junior tot de prof – heeft die ene dag dat hij zich afvraagt of die extra centimeter op de stick de schuldige is.

Hoe een te lange stick de rug belast

Stel je voor: je probeert een bal te controleren, je hand reikt ver, je rug buigt zich als een oude zeilboot in een storm. Die hoek, vaak 30 graden of meer, zet een enorme torque op de lumbale wervels. In een wedstrijd draait die stress zich om in chronische pijn, iets wat we allemaal kennen – je voelt het pas als je klaar bent met de training en de spieren in je onderrug als een oververhitte motor beginnen te tikkelen.

Kortere stick, minder pijn?

Een kortere stick geeft je meer controle, ja, maar het betekent ook een natuurlijke, rechte posture. Je hoeft je niet meer te strekken alsof je de horizon wilt aanraken, je houdt je lichaam in een ergonomische hoek. Het gaat als een goed afgestelde motor: soepel, constant, zonder het gezoem van overbelasting. Bovendien, een kortere stick reduceert de kans op overbelaste schouder- en rugspieren – een win-win voor elke hockeyer die zich niet wil laten blokkeren door rugklachten.

Wat de wetenschap zegt

Onderzoek van sportfysiologen toont keer op keer aan dat de optimale sticklengte ongeveer 85-90% van je lichaamslengte moet zijn, gemeten tot de top van je schouder. Alles boven die drempel verhoogt de incidentie van lage rugpijn met meer dan 30 procent. En laat me even duidelijk maken: dat zijn geen statistische flauwekul, dat is een harde realiteit die je kan voelen tijdens een wedstrijd wanneer je een lange pass moet geven en de rug protesteert.

Praktische tip voor de volgende training

Hier is de deal: meet je lichaamslengte, trek er 10 centimeter vanaf en gebruik dat als basis voor je stick. Probeer het meteen uit in een training; als je halverwege nog steeds moet strekken, kort de stick nog een paar centimeter bij. En kijk, vergeet niet dat goede core‑training een backup‑plan is – een sterke buik en onderrug kunnen die resterende stress opvangen.

Het enige wat je nu nog nodig hebt, is een betrouwbare bron om je keuzes te valideren. Check hockeykijken.com voor de laatste tests en spelerservaringen. En hier is je actiepunt: swap die te lange stick vóór je volgende wedstrijd, voel het verschil, en laat de rug zich eindelijk weer vrij ademen.